CAO

Na de tussen-cao Rijk van december vorig jaar, zijn de vakbonden gelijk doorgegaan met de cao-onderhandelingen voor 2018. De boodschap van de leden was helder: ‘we verwachten een cao met een stevige loonsverhoging’. Na de eerste onderhandelingsrondes moeten we concluderen dat we nog ver verwijderd zijn van een akkoord.

Rutte en de andere ministers hebben diverse malen gezegd dat de werkgevers in 2018 de lonen moeten laten stijgen. Dat moet dan natuurlijk ook bij het Rijk gelden.

3,5% meer loon
Er zijn een paar onderhandelingsrondes geweest. Op 25 januari spraken we over het loon. Onze looneis is helder: 3,5% loon met een bodem van € 1000,- De werkgever bleek een stuk minder helder. Hij zei dat hij meer zou kunnen bieden dan vorig jaar, maar bij lange na niet wat wij eisen. Wij accepteren deze boodschap niet. Wij willen daarom nu met minister Ollongren zelf aan tafel. Zij is tenslotte ook werkgever en moet met meer over de brug komen.

Eerder kwamen de werkgever Rijk en bonden voor 2017 al een tussen-CAO overeen, die bestond uit een loonsverhoging van 1,4 procent, met terugwerkende kracht tot 1 januari 2017. Afgesproken is toen om gelijk door te gaan met de onderhandelingen voor een CAO vanaf 2018.

Bij de start van de onderhandelingen werden de hoofdlijnen verkend. Beide zijden hebben hun belangrijkste thema’s op tafel gelegd. Besloten is om twee onderwerpen op korte termijn nader te onderzoeken: een Generatiepact en een Individueel Keuzebudget.

De gezamenlijke vakbonden hebben hun looneis duidelijk op tafel gelegd: 3,5% salarisverhoging met een bodem van € 1.000,-. Er is alle reden om in 2018 een serieuze loonsverhoging af te spreken. We hebben benadrukt dat we tempo willen houden en de onderhandelingen niet onnodig lang moeten laten duren.